Darmowy test próbny KNM

Część Kennis Nederlandse Maatschappij egzaminu Inburgering, dokładnie w dzisiejszej formie: 40 pytań ze zdjęciami, 45 minut, 28 poprawnych, żeby zdać. Bez rejestracji, bez e-maila.


Jak to działa

40 pytań, każde z jedną poprawną odpowiedzią. Prawdziwy egzamin daje 45 minut i wymaga 28 poprawnych. Odpowiedz na to, co umiesz, i sprawdź wynik na końcu; do każdej odpowiedzi jest wyjaśnienie.

  1. U heeft een oude bank of een grote kast die u weg wilt doen. Waar moet u dit naartoe brengen?

  2. Wat herdenken we op 4 mei?

  3. Ali is ziek en kan niet werken. Wat moet hij doen?

  4. Wat moet u doen als u ziek bent en niet kunt werken?

  5. Waarom wordt de huisarts in Nederland de poortwachter genoemd?

  6. Wat is waar over vrijwilligerswerk in Nederland?

  7. Wie is de baas van de regering in Nederland?

  8. Wat is de Randstad?

  9. Ali is zijn baan kwijtgeraakt en heeft nu geen inkomen meer. Hij heeft hulp nodig bij het zoeken naar werk en wil een uitkering aanvragen. Waar moet hij naartoe?

  10. U huurt een huis en de verwarming is kapot. Wie moet dit meestal repareren en betalen?

  11. De dochter van Sarah is 4 jaar geworden. Naar welke school gaat zij nu?

  12. Wat is Koningsdag?

  13. U zoekt werk. Waar kunt u vacatures vinden?

  14. Mag een getrouwde vrouw in Nederland zelf beslissen om te scheiden?

  15. Wat is de belangrijkste wet van Nederland?

  16. David huurt een kamer, maar de verhuurder vraagt een veel te hoge huurprijs. Welke organisatie kan beoordelen of de huurprijs te hoog is?

  17. Mark verliest zijn baan. Hij wil een WW-uitkering aanvragen. Waar doet hij dat?

  18. Wat zegt de Nederlandse wet over vrouwenbesnijdenis?

  19. Wie is op dit moment de koning van Nederland?

  20. U huurt een huis van een woningcorporatie. Er is een lekkage in het dak. Wat doet u?

  21. Wat is in Nederland de basisverzekering voor de zorg?

  22. Je komt te laat op je werk. Wat doe je?

  23. Waar gaat u naartoe voor een vaccinatie voor uw baby?

  24. Sarah werkt in een winkel. Ze wordt ziek en kan niet werken. Wat moet zij doen?

  25. De dochter van Fatima is 's nachts erg ziek. De huisartsenpraktijk is dicht. Wat moet Fatima doen?

  26. Welke school is in Nederland bedoeld voor kinderen van 4 tot 12 jaar oud?

  27. Wat is de functie van de 'Hoge Raad'?

  28. Hoe vaak worden in Nederland de leden van de Tweede Kamer normaal gesproken gekozen?

  29. U heeft een huurwoning van een woningcorporatie. Er is een lekkage in het dak van uw huis. Wie moet dit repareren?

  30. Is homoseksualiteit toegestaan in Nederland?

  31. Wat betekent zelfbeschikkingsrecht voor vrouwen in Nederland?

  32. Samir heeft gisteren een baby gekregen. Waar moet hij de baby binnen drie dagen aangeven?

  33. Welke religie had historisch gezien de meeste invloed op de Nederlandse cultuur en wetten?

  34. Fatima is zwanger. Haar baby wordt over een paar maanden geboren. Wie controleert de gezondheid van Fatima en de baby tijdens de zwangerschap?

  35. U wilt een sociale huurwoning huren. Waar moet u zich meestal inschrijven?

  36. Wie maken de wetten in Nederland?

  37. Een werkgever wijst iemand af vanwege zijn afkomst. Wat is juist?

  38. Op 5 mei vieren we in Nederland Bevrijdingsdag. Wat vieren we op deze dag?

  39. Wat is een burgerservicenummer (BSN)?

  40. De dochter van Sarah is 10 jaar. Op welke school zit zij?

Gotowy, żeby zacząć?

Pobierz StroopTaal — tryb rozmowy na żywo, lekcje AI, skanowanie dokumentów, feedback wymowy oraz pełne przygotowanie do Inburgering i NT2.